Logo Streekziekenhuis Koningin Beatrix.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

PiMS folder informatie logo

Urologie

Behandeling van de vergrote prostaat

Behandeling van de vergrote prostaat

TURP/BH en GreenLight Laser Therapy

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door
In deze folder leest u informatie over een operatie van een van een vergrote prostaat. De operatie gebeurt via de plasbuis. Deze folder is een aanvulling op de uitleg die u krijgt van de uroloog.

De prostaat
De prostaat is een klier die alleen mannen hebben. De prostaat ligt onder de blaas en ligt rond de plasbuis. De prostaat heeft de vorm en de grootte van een kastanje. De prostaat maakt vocht aan dat nodig is voor het sperma. Bij een zaadlozing komt dit vocht samen met de zaadcellen naar buiten via de plasbuis. De prostaat groeit onder invloed van mannelijke hormonen. Deze hormonen worden vooral gemaakt in de zaadbal en een klein deel in de bijnieren. Deze hormonen regelen de groei van de prostaat en de vorming van prostaatvocht.

Wat gebeurt er bij een vergrote prostaat?

Bij veel mannen wordt de prostaat langzaam groter vanaf ongeveer 30 jaar. Dit is een normaal proces bij het ouder worden. Rond de leeftijd van 80 jaar heeft ongeveer 8 van de 10 mannen een vergrote prostaat met klachten. Een grotere prostaat kan tegen de plasbuis aandrukken en het plassen moeilijker maken. Mogelijke klachten die u kunt hebben zijn:
Voorbereiding voor operatie

Voorbereiding
U vult eerst een vragenlijst in. Hiervoor krijgt u een uitnodiging. De vragenlijst vult u in via MijnSKB. Hierin geeft u aan wat belangrijk is over uw gezondheid en uw medicijnen. Daarna krijgt u een uitnodiging voor het preoperatief spreekuur (POS). Tijdens dit gesprek krijgt u uitleg over de voorbereiding op de ingreep.

Pre operatief spreekuur
De anesthesioloog bekijkt de vragenlijst die u thuis heeft ingevuld. Aan de hand van uw antwoorden beoordeelt de anesthesioloog of u geopereerd kunt worden en welke vorm van anesthesie (verdoving) voor u het beste is. U krijgt informatie over nuchter zijn voor de operatie en of u medicijnen voor de operatie tijdelijk moet stoppen.

Uw opname en verblijf
De informatie over uw opname en verblijf in het ziekenhuis ontvangt u in andere folders. In deze folders staat wat u kunt verwachten tijdens uw opname en hoe het verblijf in het ziekenhuis verloopt.

De operatie
Er zijn verschillende manieren om een vergrote prostaat te opereren. De uroloog bespreekt met u welke behandeling voor u geschikt is.

TURP/BH (Transurethrale resectie van de prostaat of blaashals)
De uroloog opereert via de plasbuis. Er wordt met behulp van een metalen lusje, dat verhit kan worden, prostaatweefsel stukje voor stukje weggehaald. Het prostaatweefsel dat is verwijderd kan worden onderzocht op afwijkende cellen.

GLL (Greenlight lasertherapie)
Bij de laserbehandeling wordt er gebruik gemaakt van een fiber, ofwel laserdraad. Als de uroloog de laser activeert, komt er een felgroen laserlicht door de buis. Het laserlicht verbrandt het extra weefsel van de prostaat, zodat de obstructie verwijderd wordt. Tijdens deze ingreep komt er minder bloed vrij, aangezien de bloedvaatjes direct dicht gebrand worden. Er wordt geen weefselstukjes weggehaald, hierdoor kan er geen extra weefselonderzoek plaatsvinden naar de prostaat.

Tijdens de operatie ligt u op de rug met de benen opgetrokken in beensteunen. Via de plasbuis (urethra) wordt een kijkbuis (scoop) in de plasbuis gebracht. Door deze buis gaat vervolgens het operatie-instrumentarium. De wand van de prostaat blijft aanwezig, alleen het weefsel dat de plasbuis dichtdrukt wordt weggehaald. Er ontstaat dus een inwendige wond in de prostaat.

Na de operatie

Uitslaapkamer
Na de operatie gaat u eerst naar de uitslaapkamer (recovery). U wordt na de verpleegafdeling gebracht als u goed wakker bent, niet misselijk bent en niet te veel pijn heeft. Op de afdeling controleert de verpleegkundige regelmatig uw hartslag en uw bloeddruk.

Wanneer weer eten of drinken?
U krijgt een infuus in uw arm waardoor u vocht en eventueel medicijnen toegediend krijgt. Na de operatie krijgt u eerst wat water te drinken. Daarna kunt u geleidelijk aan weer normaal eten.

Pijn of misselijk?
Merkt u na de operatie dat u pijn heeft of misselijk bent? Laat dit dan weten aan de verpleegkundige. Er zijn medicijnen die u kunnen helpen.

Blaaskatheter
Na de operatie krijgt u een blaaskatheter. Omdat de urine na de operatie bloederig kan zijn, wordt er gebruik gemaakt van een spoelsysteem. De blaaskatheter blijft gewoonlijk een nacht in de blaas om te zorgen voor goede urine-afvoer. De blaaskatheter kan de blaaswand irriteren en hierdoor kunt u klachten van aandrang tot plassen hebben. Of het kan pijn aan de top van de penis veroorzaken. Dit wordt blaaskramp genoemd. In overleg met de verpleegkundige kunt u hiervoor medicijnen krijgen.

Na de operatie heeft u bedrust. De volgende dag mag u weer beginnen met mobiliseren.

De dag na de operatie
Op de dag na de operatie komt de uroloog bij u langs om te bekijken of de blaaskatheter en het infuus eruit mogen. Na het verwijderen van de blaaskatheter is het belangrijk dat u voldoende drinkt. Minimaal 1 glas per uur. Dit helpt om de urine goed te laten doorstromen en voorkomt dat er stolsels ontstaan. Zodra u weer zelf plast, kijkt de verpleegkundige enkele keren met een echoapparaat of uw blaas goed leeg raakt. Wanneer het plassen goed gaat en de urine niet te veel bloed bevat, kunt u meestal aan het einde van de middag naar huis.

Controle afspraak
Na de operatie wordt er voor u een controleafspraak gemaakt bij uw behandelend arts. Deze afspraak wordt geregeld door de polikliniek. U ontvangt de bevestiging hiervan thuis, op papier of digitaal, afhankelijk van wat u zelf prettig vindt.

Risico’s en complicaties
Bij iedere operatie kunnen complicaties optreden.
Vragen
Bij vragen over uw behandeling kunt u contact opnemen met de polikliniek Urologie. Wij zijn bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.15 – 16.30 uur op telefoonnummer 0543 54 46 30.

Geheimhouding en recht op privacy
Alle medewerkers van ons ziekenhuis hebben een geheimhoudingsplicht. Verder heeft u als patiënt recht op privacy. Uitgebreide informatie hierover kunt u vinden in de folder ‘De rechten en plichten van de patiënt’. Deze is te vinden op: folders.skbwinterswijk.nl.



Adviezen voor thuis
Na de operatie heeft de prostaat aan de binnenkant een wond. Het herstel hiervan duurt ongeveer 10 tot 12 weken. In deze periode kunt u nog klachten hebben bij het plassen. Het kan zijn dat u vaker moet plassen, dat plassen gevoelig of branderig is, of dat u de plas minder goed kunt ophouden. Dit is normaal na deze operatie en verdwijnt meestal vanzelf als de wond genezen is.

Ook kan er in de eerste weken nog bloed bij de urine zitten. Ziet u wat bloed, neem dan extra rust en drink voldoende water (ongeveer 2 tot 2,5 liter per dag). Meestal stopt het bloeden vanzelf. Blijft de urine meerdere dagen achter elkaar helderrood, of ziet u bloedstolsels, neem dan contact op met de polikliniek Urologie.

Het is belangrijk dat u de volgende adviezen opvolgt om de kans op complicaties te verminderen:
Neem contact op met de polikliniek Urologie als u één of meer van de volgende klachten krijgt:
Neem binnen 14 dagen na de ingreep contact op met:
Neem na 14 dagen na de ingreep contact op met:


Foldernummer: uro713 versie juni 26