U wordt binnenkort opgenomen voor een Percutane Transluminale Angioplastiek (PTA), dit wordt ook wel ‘dotteren’ genoemd. Deze folder geeft algemene informatie over een behandeling van de slagaders in uw buik of benen.
Voorbereiding Het is belangrijk dat u zich goed voorbereidt op de behandeling. Let op de volgende punten:
- U mag 6 uur voor de behandeling niets meer eten en 2 uur voor de behandeling niets meer drinken.
- Neem uw identiteitsbewijs mee.
- Neem een overzicht van uw medicijnen mee. Deze kunt u bij de apotheek ophalen.
- Bent u overgevoelig voor medicijnen, contrastmiddel of jodium? Geef dit dan door aan uw behandelend specialist. Vertel dit ook nogmaals aan de laborant en de arts voordat de behandeling begint.
- Bent u zwanger of denkt u zwanger te zijn? Meld dit bij de Medische Beeldvorming en aan degene die het onderzoek uitvoert. Samen met uw arts wordt gekeken of de behandeling moet worden uitgesteld of dat de behandeling met bepaalde voorzorgsmaatregelen toch kan doorgaan.
Medicatie - Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen, zoals acenocoumarol (Sintrommitis), fenprocoumon (Marcoumar) of Apixaban? Dan kan het zijn dat u 5 tot 7 dagen voor de behandeling moet stoppen. Of dit voor u geldt, hangt af van de behandeling en uw persoonlijke situatie. Tijdens de poli afspraak met de vaatchirurg wordt uitgelegd wanneer u moet stoppen.
- Gebruikt u andere bloedverdunnende medicijnen zoals carbasalaatcalcium (Ascal), Acetylsalicylzuur of Clopidogrel (Plavix / Vatoud / Iscover / Grepid)? Dan hoeft u niet te stoppen.
- Heeft u een verminderde nierfunctie? Dan vertelt uw behandelend specialist welke medicijnen u tijdelijk moet stoppen. Het gebruik van Metformine, diuretica (plastabletten) en NSAID’s (Diclofenac, Ibuprofen, Naproxen) kan samen met contrastvloeistof schadelijk zijn voor uw nieren.
De opname - U meldt zich op de dag van de behandeling op afdeling Dagbehandeling, route 7.5
- Op de dagbehandeling controleert een verpleegkundige samen met u uw gegevens. Als het nodig is, wordt er bloedonderzoek gedaan.
- Voor de behandeling krijgt u een infuus. Dit is een directe toegangsweg naar uw aderen, zodat eventueel medicijnen tijdens de behandeling kunnen worden toegediend.
- Heeft u een verminderde nierfunctie? Dan krijgt u via het infuus extra vocht om uw nieren zo goed mogelijk te beschermen.
- Tijdens de behandeling draagt u alleen een operatiejasje met een netbroekje
De behandeling De behandeling wordt gedaan door een vaatchirurg. Hij krijgt hulp van één of meer radiologische laboranten. U ligt op uw rug op een onderzoekstafel. Er ligt een steriel laken over u heen. De vaatchirurg en laborant dragen steriele kleding en handschoenen.
De plek waar de slagader wordt aangeprikt, wordt schoon gemaakt en verdoofd. Dit kan even gevoelig zijn. De vaatchirurg maakt een klein gaatje in de huid en prikt de slagader aan. Daarna wordt een werkbuisje geplaatst. Door dit buisje kunnen de arts en laboranten de katheters en andere materialen inbrengen.
Om de slagaders goed te zien, gebruikt de arts röntgenstraling en contrastmiddel. Na het contrastmiddel kunt u een warm gevoel krijgen. Dit kan ook het gevoel geven dat u in de broek plast, dit gebeurt niet echt. . Dit gevoel verdwijnt meestal snel. Tijdens de foto’s krijgt u duidelijke instructies van de arts of laborant.
Na de foto’s beslist de arts wat er verder gebeurt. Soms is alleen dotteren nodig. Soms moet er ook een stent geplaatst worden.
Dotteren Bij dotteren wordt de vernauwde slagader opgerekt met een ballonnetje. U kunt dit even voelen. Als de ballon leeg is, is het gevoel weer weg.
Het plaatsen van een stent Als dotteren niet genoeg helpt, kan de arts een stent plaatsen. Een stent is een metalen buisje dat de slagader openhoudt. Een stent blijft in uw lichaam. Dit is anders dan de ballon, die weer verwijderd wordt.
Na de behandeling Als de behandeling klaar is, haalt de arts het werkbuisje uit uw slagader. Het gaatje in de slagader wordt met een soort plugje gesloten. Soms is het nodig om in plaats daarvan de slagader 10 tot 15 min dicht te drukken met de hand.
DuurHet is moeilijk om precies te zeggen hoelang de behandeling duurt. Meestal duurt de behandeling 90 tot 120 minuten.
Na de behandeling Na de behandeling gaat u weer terug naar de afdeling dagbehandeling. Daar controleert een verpleegkundige regelmatig:
- uw bloeddruk
- uw hartslag
- de plek waar u bent aangeprikt
Meestal mag u dezelfde dag naar huis. Soms moet u langer blijven. Dit bespreekt de arts met u.
De instructies hieronder zijn belangrijk om een nabloeding te voorkomen. U krijgt uitleg die past bij de manier waarop het gaatje is gesloten.
Sluiting met een plugje - De eerste 2 uur na de behandeling moet u plat in bed blijven liggen.
- Het been waarin u bent aangeprikt moet ontspannen blijven liggen.
- Na de bedrust mag u voorzichtig uit bed komen.
- Krijgt u een warm gevoel in uw lies of ziet u dat het bloedt? Waarschuw dan direct de verpleegkundige.Soms krijgt u een kaartje mee. Hierop staat de datum en de plek van de prik.
- Afhankelijk van het soort plugje moet u dit kaartje 30 of 90 dagen bij u dragen
Sluiting door dichtdrukken met de hand
- U krijgt een drukverband. Dit moet blijven zitten tot de volgende ochtend.
- De eerste 6 uur na de behandeling moet u plat in bed blijven liggen.
- Na 6 uur moet u nog in bed blijven, maar u mag rechtop zitten.
- U mag alleen naar het toilet onder begeleiding van de verpleegkundige.
- Het been waarin u bent aangeprikt moet ontspannen blijven liggen. U mag dit been tot de volgende ochtend niet optrekken.
- Als u een warm gevoel in uw lies of ziet dat het bloedt? Waarschuw dan direct de verpleegkundige.
Uw behandelend specialist vertelt u wanneer u weer mag beginnen met uw bloedverdunners.
VervoerWij adviseren u vervoer naar huis te regelen. Op de dag dat u naar huis gaat, mag u niet fietsen of een auto besturen.
ControleNa drie maanden krijgt u een controleafspraak bij de vaatchirurg of verpleegkundig specialist. Voor deze afspraak wordt eerst uw bloeddruk gemeten.
LeefregelsU krijgt een informatiefolder over de plug die bij u is geplaatst. Daarin staan de leefregels die voor u gelden.
- Douchen mag. Heeft u een plug gekregen? Dan mag u twee weken niet in bad en niet naar de sauna.
- Verwijder de pleister de volgende dag. Maak de huid schoon met milde zeep en water. Droog de wond daarna voorzichtig af.
- Is uw lies aangeprikt? Wij adviseren u twee dagen niet te veel te lopen. Kleine stukjes in en om het huis is geen probleem, maar vermijd langere afstanden. Beperk traplopen op de eerste dag zoveel mogelijk. Als u de trap op loopt, zet dan eerst het ‘goede’ been neer en zet daarna het ‘aangeprikte’ been bij.
- De eerste twee dagen niet zelf autorijden.
- De eerste twee dagen niet zwaar tillen (meer dan 5 kilo).
- De eerste twee weken niet fietsen. Ook geen zware inspanning, zoals tuinieren, stofzuigen of sporten.
Bijwerkingen Zoals bij elke behandeling kunnen er ook bij dotteren bijwerkingen optreden.
Mogelijke bijwerkingen zijn:
- Een gevoelige, dikke of blauwe lies rond de plek waar u bent geprikt.Dit is normaal. U hoeft zich geen zorgen te maken. Dit kan een paar weken duren en gaat bijna altijd vanzelf over.
- Een paar druppels bloed uit de plek in uw lies. Dit is onschuldig, het afplakken met een pleister is voldoende.
- Een bloedpropje in een bloedvat in het been. Soms is dan een operatie nodig om het bloedpropje te verwijderen.
Een allergische reactie op het contrastmiddel als u overgevoelig bent voor jodium. De meeste klachten ontstaan direct na het toedienen. Soms krijgt u pas uren of dagen later klachten, zoals roodheid of jeuk.
Neem contact op als:
- u koorts krijgt van 38,5 of hoger.
- Uw lies erg pijnlijk of gevoelig is.
- Er een zwelling in de lies ontstaat.
- Uw lies rood en warm aanvoelt.
- Uw been gevoelloos, kouder of bleker wordt.
- U huiduitslag heeft.
Tijdens kantooruren kunt u bellen met het secretariaat chirurgie. Telefoonnummer: 0543 - 54 42 50
Geheimhouding en recht op privacyAlle medewerkers van ons ziekenhuis hebben een geheimhoudingsplicht. Verder heeft u als patiënt recht op privacy. Uitgebreide informatie hierover kunt u vinden in de folder ‘De rechten en plichten van de patiënt’. Deze is te vinden op: folders.skbwinterswijk.nl.