Logo Streekziekenhuis Koningin Beatrix.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

Folder informatie logo

Urologie

Botoxbehandeling van de blaas

Botoxbehandeling van de blaas

In opname

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door
Inleiding
In deze folder leest u informatie over het behandelen van een overactieve blaas door het geven van botuline-toxine (Botox) injecties in de blaaswand. Deze folder is bestemd als aanvullende informatie op de informatie, die u van de uroloog krijgt.

Wat is een overactieve blaas
De klachten bij een overactieve blaas kunnen heel verschillend zijn:
Een overactieve blaas hoeft niet altijd te leiden tot urineverlies. Veel mensen met een overactieve blaas moeten wel regelmatig naar het toilet, maar hebben geen of weinig last van onvrijwillig urineverlies. Voor meer informatie kunt u de patiëntenfolder: ‘Een overactieve blaas’ doorlezen.

Behandelmogelijkheden
Tijdens het gesprek met de uroloog zijn de verschillende behandelmogelijkheden doorgesproken. Vaak heeft u al bekkenbodemtherapie, medicatie en/of een PTNS behandeling gehad, wat tot onvoldoende resultaat heeft geleid. Dan kan worden gekozen voor de toediening van Botox injecties in de blaaswand. Deze injecties worden op de operatieafdeling gegeven onder verdoving. Per patiënt wordt bekeken of deze behandeling in dagbehandeling plaatsvindt of dat u één nacht moet blijven in het ziekenhuis.

Behandeling met botuline-toxine (Botox)

Botuline-toxine (Botox) is een eiwit dat wordt aangemaakt door de bacterie Clostridium botulinum en heeft als effect dat het de signaaloverdracht van zenuwvezels naar de spieren blokkeert. Als botuline-toxine (Botox) in de blaasspier wordt gespoten, wordt de signaaloverdracht van de zenuwuiteinden naar de blaasspier geblokkeerd. Hierdoor neemt het samentrekken van de blaas af. Daarnaast worden waarschijnlijk ook gevoelszenuwen vanuit de blaas geblokkeerd, waardoor het gevoel van aandrang om te plassen vermindert en u dus minder vaak hoeft te plassen.
In het geval van urine incontinentie betekent dit dat u minder of geen urine meer ongewenst zult verliezen.

Binnen 7 dagen, na de behandeling met botuline-toxine (Botox), worden de eerste effecten waargenomen. Het kan tot een maand duren voordat het volledige effect voelbaar is. Gemiddeld blijft het effect zes tot negen maanden aanwezig. Daarna neemt de werking langzaam af. De injecties kunnen zonder schadelijke gevolgen voor de blaas worden herhaald.

Contra-indicatie
Botulinetoxine A mag niet gegeven worden als iemand lijdt aan mysthenia gravis (spierziekte) en hemofilie (bloedziekte). Hiernaast mogen zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven, zich niet met botuline-toxine A laten behandelen.

Voorbereiding voor opname
Na het gesprek met de uroloog vult u een vragenlijst in. In de vragenlijst kunt u bijzonderheden over uw gezondheid en medicatie-gebruik aangeven. Hiermee gaat u naar de afdeling opname, waar u ingeschreven wordt voor de operatie. Hier krijgt u een afspraak mee voor het pre-operatieve spreekuur (POS).

Het preoperatieve spreekuur (POS)
Het POS houdt in, dat u op één dag bij verschillende disciplines komt. U komt namelijk achtereenvolgens bij de apothekersassistente, de anesthesioloog en de opnameverpleegkundige.

Apothekersassistente

Als u medicatie gebruikt, gaat u naar de apothekersassistent. Zij bekijkt samen met u de medicatie die u thuis gebruikt en zorgt ervoor dat deze in de computer wordt verwerkt. Zo weten zowel de specialisten als de verpleegkundigen wat u gebruikt aan medicatie. Juiste informatie is belangrijk, omdat bepaalde medicatie van invloed kan zijn op de medicatie die bijvoorbeeld voor de verdoving wordt gebruikt.

Anesthesie
U wordt tijdens dit gesprek geïnformeerd over de gang van zaken rondom de operatie en welke vorm van verdoving u krijgt. De anesthesioloog, Physician Assistant (PA) of anesthesiemedewerker bekijkt uw medische geschiedenis en brengt uw gezondheidssituatie in kaart. Uw gezondheidstoestand wordt gecontroleerd en eventueel wordt gericht medisch onderzoek verricht.
Het kan zijn dat aanvullend onderzoek nodig is om een beter inzicht te krijgen.

Indien u bloedverdunners gebruikt, krijgt u tijdens dit gesprek instructies over hoe u hiermee om moet gaan. Voor meer informatie kunt u de patiëntenfolder: ‘uw operatie en anesthesie’ doorlezen.

Opnameverpleegkundige
U heeft afsluitend een opnamegesprek met de opnameverpleegkundige. Tijdens dit gesprek worden uw persoonlijke gegevens geïnventariseerd. De verpleegkundige probeert zo goed mogelijk uw voorgeschiedenis, thuissituatie, eventuele nazorgbehoeften en andere bijzonderheden in kaart te brengen. Deze informatie is ook voor de verpleegkundige op de afdeling zichtbaar op het moment dat u opgenomen wordt. Daarnaast geeft de verpleegkundige u, waar nodig, aanvullende informatie over de opname, operatie en nazorg.

Bevestiging opnamedatum
Een week voor opname wordt de ingreep telefonisch bevestigd. Dan hoort u ook op welke verpleegafdeling u wordt verwacht.

Voorbereiding thuis
Wanneer u bloedverdunnende medicijnen gebruikt moet u hiermee, in overleg met de behandelend arts, tijdig voor de operatie stoppen.

Voor de opname neemt u mee:
Enkele tips:
In verband met de hygiëne geven wij u het advies vooraf thuis te douchen en eventuele make-up en sieraden te verwijderen.

Patiëntveiligheid
Ter verhoging van de patiëntveiligheid vragen onze medewerkers regelmatig naar uw naam en geboortedatum. Daarnaast wordt rondom de operatie meerdere malen een checklist afgewerkt, waarbij men nagaat of alle gegevens juist zijn en of alle handelingen zijn uitgevoerd. Ook bij de overdracht van de operatieafdeling naar de verpleegafdeling vindt deze controle plaats.

De behandeldag
Op de afgesproken dag en tijdstip meldt u zich op de met u afgesproken afdeling. Mocht u het prettig vinden dan kunt u zich ook bij de Gastenservice in de centrale hal melden, waarna u naar de afdeling wordt begeleid. Op de afdeling wordt u ontvangen door een verpleegkundige die u wegwijs maakt op de afdeling. De verpleegkundige houdt een kort opnamegesprek met u en zou u nadien vragen om in een plastic potje te plassen. De urine wordt voor de operatie nog gecontroleerd. Daarnaast worden uw bloeddruk en lichaamstemperatuur gemeten en uw hartslag wordt geteld.

Voor de operatie krijgt u een operatiejasje aan. Sieraden (kettingen, horloge, ringen, etc.) moeten allemaal af worden gedaan. Een eventuele bril en/of een gebitsprothese kunt u op- of inhouden in overleg met de verpleegkundige.U krijgt voor de operatie al medicijnen tegen de pijn, zodat deze alvast kunnen inwerken. Daarnaast kan zo nodig een rustgevend tabletje worden gegeven waar u wat slaperig van wordt. De verpleegkundige brengt u met bed naar de voorbereidingskamer (Holding). U krijgt hier een infuus ingebracht en de anesthesioloog dient de verdoving toe.

De botuline-toxine (Botox) behandeling
Tijdens de behandeling ligt u op uw rug met uw benen in beensteunen. De uroloog brengt via de plasbuis een hol buisje in uw blaas. Op dit buisje is een kleine camera aangesloten, zodat de uroloog goed in de blaas kan kijken. Via het buisje wordt de blaas tot ontplooiing gebracht, door water in de blaas te brengen. De blaaswand kan zo goed worden gezien. De uroloog brengt via het buisje de injectienaald in de blaas in. Zo kan in de blaasspier de Botox injecties worden gegeven. U krijgt op tien tot twintig verschillende plekken een injectie. De behandeling duurt gemiddeld tien minuten.

Na de operatie wordt er soms een urinekatheter achtergelaten in de blaas, zodat de urineproductie goed in de gaten gehouden kan worden en de blaas nog wat rust krijgt.

Na de behandeling
Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer (Recovery) gebracht. Daar verblijft u één à twee uur, afhankelijk van hoe u zich voelt. Daarna haalt de verpleegkundige u weer op om terug te gaan naar de afdeling. U hebt dan een infuus en een blaaskatheter. De katheter wordt verwijderd in opdracht van de uroloog op het moment dat het veilig is. Ten gevolge van de katheter kunt u klachten van aandrang tot plassen ondervinden; hiervoor kunt u medicijnen krijgen. Via het infuus krijgt u vocht. Deze wordt afgekoppeld, mits u goed eet/drinkt en uw situatie dit toe laat. Daarnaast krijgt u medicijnen om trombose te voorkomen. Een verpleegkundige komt geregeld bij u om controles uit te voeren, zoals onder andere uw bloeddruk en pols. U mag op de afdeling, in overleg met de verpleegkundige, weer beginnen met eten en drinken. Na de operatie krijgt u de mogelijkheid om uw contactpersoon te bellen.

Vervolg
In opdracht van de arts wordt de blaaskatheter verwijderd. Het is belangrijk om nadien met enige regelmaat wat te drinken. Wanneer het plassen hierna goed op gang is gekomen, controleert de verpleegkundige een aantal keren, met een scan-apparaat of u uw blaas goed leeg plast. Als het plassen goed gaat en u zich verder goed voelt, kunt u in de loop van de dag weer naar huis. Een eventuele complicatie die na de operatie op kan treden is een urineweginfectie, gepaard gaande met koorts. Indien noodzakelijk begint u met antibiotica na het verwijderen van de katheter. Deze kuur moet u thuis afmaken. Voor verdere adviezen voor thuis verwijzen wij u naar de bijlage in deze folder.

Ziekte of verhindering
Als u door ziekte of een andere reden verhinderd bent uw afspraak na te komen, neem dan zo snel mogelijk contact op met de polikliniek Urologie. Wij maken dan een nieuwe afspraak met u.

Vragen
Bij vragen over uw behandeling kunt u contact opnemen met de polikliniek Urologie. Wij zijn bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 08.30 – 16.30 uur op telefoonnummer 0543 54 46 30.

Tot slot
Deze brochure betreft een algemene voorlichting en is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw behandelend arts. Bijzondere omstandigheden kunnen aanleiding geven tot wijzigingen. De uroloog bespreekt dit met u.

Geheimhouding en recht op privacy
Alle medewerkers van ons ziekenhuis hebben een geheimhoudingsplicht. Verder heeft u als patiënt recht op privacy. Uitgebreide informatie hierover kunt u vinden in de folder ‘De rechten en plichten van de patiënt’. Deze is verkrijgbaar op de afdeling en bij de patiënteninformatie in de centrale hal. Daarnaast is deze folder te vinden op: www.skbwinterswijk.nl

Wij zouden het op prijs stellen, als u uw ervaringen wilt delen op de volgende website: www.zorgkaartnederland.nl

Bijlage

Neem contact op met de polikliniek Urologie indien:
Wij zijn bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 08.30 - 16.30 uur op telefoonnummer: 0543 54 46 30. Als u in de eerste 24 uur na de behandeling (‘s avonds of ’s nachts) problemen hebt, kunt u contact opnemen met de afdeling Spoedeisende Hulp op telefoonnummer: 0543 54 45 55.


Foldernummer: uro726 versie jun 18


PIMS™ folderportaal door 4CLOUD®
  |